Wat er sinds 2025 verandert
Het handhavingsmoratorium is op 1 januari 2025 afgelopen. De Belastingdienst kan sindsdien loonheffingen naheffen bij opdrachtgevers die iemand als zzp'er inhuren terwijl er feitelijk sprake is van een dienstverband.
Die naheffing gaat naar de opdrachtgever: het is loonheffing die hij had moeten inhouden. Huur je zelf freelancers in, dan ligt dat risico dus bij jouw bedrijf. Freelance je zelf, dan zit het gevolg ergens anders. Een opdrachtgever die dat risico niet wil, stopt de opdracht of verlengt hem niet — en wordt er bij hem iets vastgesteld, dan kan ook je eigen aangifte opnieuw tegen het licht, want de ondernemersaftrek hangt aan de vraag of je ondernemer bent.
In 2025 werden er geen boetes opgelegd. Vanaf 2026 kan de Belastingdienst wél vergrijpboetes opleggen bij opzet of grove schuld; verzuimboetes bij een naheffingsaanslag blijven achterwege.
Modelovereenkomsten worden niet meer beoordeeld. Goedgekeurde overeenkomsten lopen door tot en met 31 december 2029, maar alleen als er ook zo gewerkt wordt. Een overeenkomst die niet klopt met de praktijk is geen bewijs: de feiten gaan voor het papier.
De vier vragen die je zelf beantwoordt
Deze vier gaan over het contract en over hoe het werk in de praktijk gaat — precies wat geen enkel systeem uit een urenadministratie kan aflezen. Er wordt niets verstuurd en niets opgeslagen: de antwoorden blijven in je eigen browser.
En wat de urenadministratie erover zegt
De vragen hierboven gaan over papier. Daarnaast zijn er signalen die je niet hoeft in te vullen omdat ze al in de administratie zitten. De Wet DBA-check in de Uren-module leest er vijf uit en zet ze per opdracht naast de antwoorden.
| Signaal | Wat het zegt | Waar Freeliq de grens legt |
|---|---|---|
| Aandeel uren bij de grootste opdrachtgever | Hoe afhankelijker van één klant, hoe meer het op een dienstverband lijkt. | Onder 40% geen signaal, vanaf 90% het zwaarste |
| Aantal actieve opdrachtgevers | Zet dat aandeel in verhouding: 100% bij één klant weegt anders als er verder geen zijn. | Staat bij het aandeel vermeld |
| Looptijd van de opdracht | Lange, ononderbroken relaties wijzen richting inbedding in de organisatie. | Vanaf ongeveer 36 maanden het zwaarste |
| Gemiddeld aantal uren per week | Een vaste, hoge inzet lijkt op een baan met een rooster. | Vanaf ongeveer 40 uur het zwaarste |
| Het uurtarief op deze opdracht | Een laag tarief geldt in de wetsvoorstellen als aanwijzing voor werknemerschap. | Onder € 36 het zwaarste, boven € 72 geen |
Let op wat die grenzen zijn: drempels van Freeliq zelf, geen normen van de Belastingdienst. Ze staan zo in de berekening en zijn per belastingjaar aan te passen, want de wetgeving beweegt nog. De € 36 komt uit het uurtarief dat in de VBAR-voorstellen rondgaat — een signaalwaarde, geen wettelijke grens.
In de weging telt de klantafhankelijkheid het zwaarst (25%), gevolgd door looptijd, regelmaat en tarief (elk 15%). De vier vragen hierboven zijn samen goed voor de resterende 30%, waarbij vervangbaarheid en eigen werkindeling elk twee keer zo zwaar tellen als eigen gereedschap en ondernemersrisico. Wil je zien hoe dat uitvalt, probeer dan de Wet DBA-check op de homepage: dezelfde weging, met schuifjes in plaats van je eigen uren.
Wat dit wél en niet is
Freeliq geeft een indicatie. Het scherm in de app zegt het met zoveel woorden: een risicosignaal op basis van uren, tarief, klant en de vragenlijst — geen bevestiging van schijnzelfstandigheid en geen juridisch of fiscaal advies.
Daar horen twee dingen bij. Zolang de vragenlijst niet is ingevuld is de uitkomst niet meer dan een voorselectie: de doorslaggevende signalen zitten in het contract, en die kan geen enkel systeem uit uren aflezen. En de berekening is met opzet saai — vaste wegingen, vaste drempels en per signaal een uitleg in gewone taal, zodat je kunt navertellen waar een uitkomst vandaan komt.
Een echte beoordeling doet de Belastingdienst, of je eigen adviseur aan de hand van het contract en de praktijk. Wat hier staat helpt je dat gesprek voorbereiden; het vervangt het niet.
Wat je er zelf aan kunt doen
- Spreid de omzet. Klantafhankelijkheid weegt het zwaarst en is het enige signaal dat je met acquisitie zelf verandert.
- Leg vast wat je zelf bepaalt. Wanneer je werkt, met welke middelen, en wie het werk mag doen als jij er niet bent.
- Werk zoals de overeenkomst zegt. Een modelovereenkomst helpt alleen zolang de praktijk erop lijkt; hij loopt hoe dan ook tot eind 2029.
- Houd de opdracht afgebakend. Een opdracht met een begin, een eind en een resultaat is iets anders dan een vaste plek in het rooster.
- Maak afspraken en opleveringen aantoonbaar. Wie per opdracht laat zien wat er is afgesproken en wat er is opgeleverd, verkoopt zichtbaar werk en geen tijd — zie uren laten aftekenen.
Veelgestelde vragen
Nee. Je ziet hoe de opdracht staat op de signalen waar het meestal over gaat, meer niet. Of een samenwerking een dienstverband is, hangt af van het geheel van feiten en omstandigheden, en dat oordeel velt de Belastingdienst of de rechter.
De opdrachtgever. Hij had loonheffingen moeten inhouden en afdragen, dus daar landt de naheffing. Voor wie zelf freelancet kan het gevolg wel zijn dat de eigen aangifte opnieuw wordt bekeken: was je geen ondernemer, dan gelden de ondernemersaftrekken ook niet.
Een goedgekeurde modelovereenkomst kun je blijven gebruiken tot en met 31 december 2029; nieuwe worden niet meer beoordeeld. Hij helpt alleen als er ook gewerkt wordt zoals erin staat — een overeenkomst die de praktijk niet dekt, is bij een controle geen bewijs.
Ja, en dan is er een schakel bij. De inlener bepaalt in de praktijk vaak wat er gebeurt, terwijl het contract bij het bureau ligt. Hoe je in die opzet uren aanlevert en laat aftekenen staat op werken via een intermediair.
Nee, dat zijn twee losse toetsen. Het urencriterium gaat over hoeveel uur je aan je onderneming besteedt; dit gaat over de vraag of je die uren als ondernemer maakt. Je kunt de 1.225 uur ruim halen en toch bij één opdrachtgever zitten — zie het urencriterium.